Interview van Tony Gillet

 

Tony Gillet, hoe heeft u er voor gezorgd dat de VDS GT 001 zou worden gebouwd ?

In het begin had Raphaël het idee om een Vertigo enkel en alleen voor hem te laten bouwen. Daarom contacteerde hij me ook. Ik heb hem er dus niet toe aangezet, ze kwam heel natuurlijk.
Hij kwam met de idee een ander koetswerk te bouwen. Toen we daar wat verder op doorborduurden kwamen we met de idee om een nieuwe auto te creëren. Niet een Vertigo, maar een hele nieuwe, de VDS. Zo zag het project het levenslicht…

 

Wat waren voor uw bedrijf de eerste stappen in deze nieuwe uitdaging ?

Raphaël had als prioriteit van de straatversie een racebolide af te leiden. Dat is een basisgegeven dat bij het verwezenlijken van de verschillende studies en het ontwerpen van d wagen heel belangrijk is.
We mochten zeker niets vergeten en er van uitgaan dat alle oplossingen die we voor het racen hadden bedacht nadien zouden worden aangepast aan een gebruik in de straatversie.

 

Wat had Raphaël van der Straten al in handen toen hij contact met u opnam ?

Raphaël kwam met enkele heel precieze ideeën qua design op de proppen en eiste dat heel wat details werden uitgewerkt zoals hij het wou. Onze rol was dan om die wagen te extrapoleren, te bedenken.
Iedere evolutie van het concept werd hem voorgelegd en hij was de enige die besliste of een voorstel werd weerhouden of niet.
CDat is een heel belangrijke manier van werken, al is het maar om aan te tonen dat deze VDS GT 001(-R) geen aangepaste Gillet Vertigo is, maar wel een totaal onuitgegeven wagen.
In functie van de neo-retro styling, met Amerikaanse invloeden, werd het chassis trouwens met 15 centimeter verlengd. De idee was de eerste lijnen van een nieuw automerk te creëren.
Deze keer kwamen we in actie als uitvoerend producer, en luisterden we voortdurend naar de wensen van Raphaël…
Het mag een beetje een ingewikkelde manier van werken lijken, maar de hoofdrolspeler had daar niets op tegen. Integendeel, hij stond open voor discussie, luisterde naar onze voorstellen, en was bereid om zijn gedachten te herbekijken toen bleek dat ze technische problemen zouden veroorzaken…

 

Kortom: het is niet omdat deze VDS GT 001 het levenslicht zag in de ateliers van Automobiles Gillet dat men ze moet beschouwen als een zusterwagen van de Vertigo…

Helemaal niet! Ik ben uiteraard heel opgetogen dat Raphaël in dit mooie avontuur op ons beroep heeft gedaan, maar hij had zich ook tot andere bedrijven kunnen wenden, met een vergelijkbaar resultaat.


Deze VDS is dus definitief niet uw wagen ?

Niet, in het geheel niet. En ik wou ook helemaal niet dat het mijn wagen werd !
Mijn taak bestond niet uit het beïnvloeden van de keuzes van Raphaël van der Straten, maar wel om hem goede raad te geven. Neem nu bijvoorbeeld die ‘omgekeerde’ radiatorrooster.
De opdracht voor mijn bedrijf was de volgende: we luisteren goed naar de wensen van Raphaël en we bestuderen de haalbaarheid ervan.
Was het mogelijk om te bouwen wat hij vroeg? Indien ja, hoe? Indien niet, wat waren de alternatieven? Bovendien kan deze wagen voortdurend evolueren. Als Raphaël morgen besluit om er een andere motor in te steken, dan kan dat. Het is absoluut geen geval van copy/paste.

 

Het hoeft niet te verbazen dat er bij het ontwerp van deze VDS GT 001 heel wat koolstofvezel wordt gebruikt. Dat is uw handelsmerk. Een onvermijdelijke keuze ?

Er pleit heel wat in het voordeel van koolstofvezel. De enorme stijfheid om te beginnen. Vervolgens is het ook heel licht.
een auto, zeker één die voor de competitie bestemd is, is gewicht de aartsvijand.
De straatversie van de VDS GT 001 zal worden gekenmerkt door een uitzonderlijke kwaliteit van materialen. De versnellingsbak is een sequentiële versie met zes verhoudingen, de velgen worden in één stuk uitgehouwen enzovoort, enzoverder. De eigenaar van deze auto zal waar voor zijn geld krijgen.
We hebben niets aan het toeval overgelaten en dat is ook zoals Raphaël van der Straten het wil.

 

Als men deze VDS GT 001 met een andere bestaande wagen op de markt zou willen vergelijken, aan welke auto zou u dan denken ?

Voor mij is de VDS GT 001 een wagen die in het rijtje van een Pagani past. Kleine oplage, wat bijvoorbeeld het verschil maakt met een Supercar als een McLaren MP4-12C.
Als men begint met de productie van een auto, moet men goed weten wat men wil. Het zal ons niet mogelijk zijn om 25 VDS per jaar te bouwen. In dat geval past het om voor originele oplossingen te kiezen en geen enkele toegeving te doen op de afwerking van het geheel. Ik denk dat we daar in geslaagd zijn…

 

U sprak ook al over deze auto als een zekere terugkeer naar de roots van de automobiel. Wat verstaat u daar precies onder ?

Weet u, in het verleden, hoe groot of hoe klein ook, produceerde een constructeur een chassis dat nadien werd aangekleed door carrosseriebouwers.
Neem nu bijvoorbeeld de Bugatti Type 57. Daar bestaan enorm veel versies van, die allemaal één ding gemeen hebben: de basis van de auto. Dat is ook hier het geval.
We maken gebruik van een bestaande basis, die van de Vertigo, en we sloegen een heel andere richting in, er over wakend dat het geheel goed bij elkaar paste.
Men zou dat een polyvalent chassis kunnen noemen, dat verschillende koetswerken kan ontvangen. Dat past bij deze tijd, waar elke besparing belangrijk is. Waarom zich wagen aan lange, dure en uitgebreide studies om een nieuw chassis te creëren als je al een performante basis bij de hand hebt, die niet liever vraagt dan te worden aangepast.
Daarom vind ik ook dat de VDS GT 001 een heel eigentijdse wagen is…